KWEKERSPRAAT
|
FUNCTIE EN WERKING VAN VITAMINEN |
|
|
|
|
De rol van verschillende mineralen |
|
|
(een korte samenvatting) |
|
|
|
||||||||||||||||||||
|
|
|
De studie van de groep
beschermende stoffen die aangeduidt worden met de naam vitamines is pas de
laatste vijftig à zestig jaar intensief ter hand genomen. Momenteel kent men
ruim dertig vitamines. Vitamines komen in kleine hoeveelheden in de voeding van
vogels voor. Het zijn organische verbindingen. Vitamines bestaan uit de
elementen koolstof, waterstof en zuurstof. Vaak ook bevatten ze nog stikstof,
fosfor en soms ook nog zwavel. Vitaminen zijn stoffen die door bepaalde
organismen worden geproduceerd. Vitamines maken onderdeel uit van het natuurlijk
voedsel maar het zijn geen eiwitten, vetten, koolhydraten of water. Vitamines
maken meestal onderdeel uit van enzymen. Enzymen, zo is reeds eerder aangegeven
zijn organische stoffen die in het lichaam bepaalde stoffen in andere omzetten.
Iedere vitamine heeft zijn eigen specifieke taak bij de lichaamsprocessen.
Vitamines zijn dus levensnoodzakelijk (essentieel) voor een vogel. Een ziekte
die ontstaat ten gevolge van vitaminegebrek noemt men avitaminose. Bij minder
ernstige tekorten treden geen ziekteverschijnselen op. Er zijn slechts min of
meer vage klachten, die natuurlijk door een vogel niet kunnen worden aangegeven.
Men spreekt dan van hypovitaminose. Een teveel aan vitamines kan eveneens
schadelijk zijn en afwijkingen veroorzaken. Dit wordt hypervitaminose genoemd.
De overwaardering die vele kwekers voor vitamines hebben en die zich uit in het
overdadig gebruik van vitaminepreparaten levert voor een vogel het gevaar op van
hypervitaminose.
Oorspronkelijk werden de vitamines aangeduid met de letters van het alfabet. Uit
nader onderzoek kwam echter naar voren dat een aantal vitamines uit
verschillende stoffen bestond die ieder een specifieke werking hadden. Toen dit
eenmaal bekend was ging men ertoe over om achter de letter een cijfer te
plaatsen. Zo ontstonden onder andere de aanduidingen vitamine B1, vitamine B2
enz..
Er ontstond echter verwarring toen een aantal onderzoekers het vitamine dat zij
ondekten een naam gaf die de chemische samenstelling of de funktie aanduidde.
Hierdoor kregen sommige vitamines meer namen. Thans streeft men ernaar
internationaal tot een eenheid van benaming te komen. Ik zal de vitamines, daar
waar mogelijk aanduiden met hun oude naam. De officiële naam is in zo'n geval
tussen haakjes geplaatst.
VITAMINE A (RETINOL)
Vitamine A is een in vet oplosbare stof die gevoelig is voor zuurstof en licht
en onder invloed daarvan onwerkzaam wordt. Levertraan, een bron van vitamine A
dient daarom in donkere flessen te worden bewaard. Een tekort aan vitamine A
kan bij de grasparkiet onder andere blijken uit de volgende aandoeningen:
afschilfering van de bovenste laag van de huid (epitheel) bij aanraking,
aantasting van de slijmvliezen van mond, keel en luchtwegen wat zich uit in
talloze witte stippen in de mond die tot in de krop kunnen voorkomen.
Bij een tekort aan vitamine A is de weerstand tegen infekties verminderd. Ook de
produktiviteit van de geslachtsklieren van zowel de man als de pop zijn
verminderd, onbevruchte eieren zullen hiervan het gevolg zijn. Jonge vogels
groeien langzaam of sterven.
Kenmerkend zijn verschijnselen aan de ogen: zwelling van bindvlies, tranen en
een vertroebeling van het hoornvlies.
De gewenste hoeveelheid vitamine A per kg. voer bedraagt 5000-10000 IE (=
internationale eenheid). Wanneer een vogel niet de beschikking heeft over
dierlijk voedsel dient het gehalte aan vitamine A verhoogt te worden tot 12000
IE.
Vitamine A komt uitsluitend voor in dierlijke voedingsmiddelen zoals melk,
eidooier en in levertraan. Ondanks dat het uitsluitend in dierlijke
voedingsmiddelen voorkomt is het verstrekken van groenvoer toch erg belangrijk
omdat hier namelijk het zogenaamde provitamine A in zit, waaruit het
vogellichaam zelf vitamine A kan maken.
Een provitamine is een stof die in een vitamine omgezet kan worden en pas dan
zijn vitaminerende werking heeft.
VITAMINE B-COMPLEX
Tot het vitamine B-complex behoren een hele reeks van vitaminen die allemaal in
water oplosbaar zijn.
De belangrijkste zal ik hieronder behandelen.
VITAMINE B1 (THIAMINE)
Vitamine B1 is erg belangrijk voor het goed funktioneren van spieren en zenuwen
alsmede voor de groei van jonge vogels, voor het behoud van de eetlust en voor
het in stand houden van de conditie van het spijsverteringskanaal. Ook speelt
vitamine B1 een belangrijke rol bij de eindafbraak van koolhydraten en bij de
vorming van vet uit koolhydraten.
Een gebrek aan vitamine B1 geeft zenuwverlammingen, gewichtsverlies,
eetlustvermindering en zwakte bij vogels.
De gewenste hoeveelheid vitamine B1 per kg. voer bedraagt ca. 1-2 mg.
Vitamine B1 komt voor in vele plantaardige- en dierlijke produkten, zoals
granen, gekiemde zaden, groenvoer, melkpoeders, gist en vismeel.
VITAMINE B2 (RIBOFLAVINE)
Vitamine B2 speelt een rol bij de stofwisseling van eiwitten, vetten en
koolhydraten. Het is eveneens nodig voor het goed funktioneren van het
zenuwgestel van en vogel en voor een goede ontwikkeling van het embryo in het
ei.
Bij een tekort aan vitamine B2 zien we uiteenlopende ziekten waaronder onder
andere vergroeiing van tenen en afwijkende donsveren bij jonge vogels.
Bij een hoeveelheid van 3-5 mg. vitamine B2 per kilo voer zal een tekort niet
gauw optreden.
Vitamine B2 zit onder andere in granen, zaden, gekiemde zaden, melkpoeders,
vismeel, gist en vismeel.
VITAMINE B3 (PANTOTHEENZUUR)
Vitamine B3 is onder andere van belang voor de huid en voor de voortplanting.
Afwijkingen in de vorm van ruwe veren, kale koppen, ontstoken ogen en ruwe poten
zouden op een vitamine B3 tekort kunnen wijzen.
De gewenste hoeveelheid Vitamine B3 per kg. voer bedraagt 7-12 mg.
Bronnen waar Vitamine B3 in voorkomt zijn groenvoer, gekiemde zaden, levertraan,
granen en zaden.
VITAMINE B4 (NICOTINEZUURAMIDE)
Vitamine B4 is onder andere nodig voor de stofwisseling van vogels alsmede voor
de vorming van vetzuren. Verder speelt het een rol bij de ontwikkeling van de
veren en bij de groei van een vogel.
Een tekort aan vitamine B4 kan zich ondermeer uitten in een vertraging van de
groei en een slechte ontwikkeling van de veren. Ook ontstekingen aan het
spijsverteringskanaal kunnen worden veroorzaakt door een vitamine B4 tekort.
De gewenste hoeveelheid Vitamine B4 per kg. voer bedraagt 25-40 mg.
In groenvoer, tarwe en gerst zitten belangrijke hoeveelheden vitamine B4.
VITAMINE B6 (PYRIDOXINE)
Vitamine B6 is als onderdeel van verschillende enzymen bij talrijke
stofwisselingsprocessen betrokken. Zo is het onder andere nodig voor de
stofwisseling van eiwitten (opname van aminozuren) en vetzuren.
Een tekort uit zich bij jonge vogels in een verminderde eetlust en daardoor een
verminderde groei.
Een verhoogde opname van eiwitten of koolhydraten zal dus de behoefte aan
vitamine B6 doen verhogen.
De gewenste hoeveelheid Vitamine B6 per kg. voer bedraagt ca. 3-5 mg.
Vitamine B6-houdende produkten zijn gist, gekiemde zaden, eigeel en
melkprodukten.
VITAMINE B10 (FOLIUMZUUR)
Vitamine B10 is onder andere nodig voor de groei, de vorming van bloed, de
ontwikkeling van de veren. Vitamine B10 is eveneens van invloed op de
broedresultaten.
Een tekort aan vitamine B10 heeft tot gevolg dat de groei van de jonge vogels
wordt vertraagd. Verder geeft een tekort een depigmentering van de veren, dat
wil zeggen dat de veren hun kleur verliezen.
De gewenste hoeveelheid Vitamine B10 per kg. voer bedraagt 0,5-1,0 mg.
Goede bronnen van vitamine B10 zijn sojameel, vismeel, melkpoeders en granen.
VITAMINE B12 (COBALAMINE)
Vitamine B12 is de enige vitamine die een metaal bevat, namelijk cobalt.
Vitamine B12 is voor de omzetting van bepaalde aminozuren in andere aminozuren
(zie bij eiwitten) uitermate belangrijk.
Verder speelt vitamine B12 een rol bij de vorming van de bloedlichaampjes. Een
vitamine B12 gebrek zal slechte broedresultaten tot gevolg hebben en eventueel
uitgekomen jongen zullen spoedig sterven.
De gewenste hoeveelheid Vitamine B12 per kg. voer bedraagt 0,010-0,015 mg.
Vitamine B12 komt in geringe hoeveelheden voor in melk en eidooier. Verder zit
het in antibiotica, zoals penicilline, streptomycine en terramycine. Het is ook
aanwezig in de uitwerpselen van vogels en daarom pikken vogels wel aan eigen
uitwerpselen of aan die van andere vogels.
BIOTINE
Biotine speelt een rol bij de vet- en koolhydraatstof- wisseling. Bij gebrek
aan biotine treden huidafwijkingen op. Een verschijnsel dat vooral rondom de
snavel optreedt.
Na enige tijd kan het zich uitbreiden naar de ogen. In ernstige gevallen kleven
de ogen dicht als gevolg van uitvloeiend vocht.
Een vogel kan zelf een klein beetje Biotine aanmaken in de darm. De gewenste
hoeveelheid Biotine per kg. voer bedraagt 0,10-0,15 mg.
Biotine komt in behoorlijke hoeveelheden voor in eidooier, melkpoeder, granen en
peulvruchten.
VITAMINE C (ASCORBINEZUUR)
Vitamine C kan door het vogellichaam zelf worden gemaakt. Het speelt onder
andere een rol bij de vorming van de hormonen van de bijnierschors. Onder
normale omstandigheden zal niet snel een vitamine C tekort ontstaan omdat een
vogel die in voldoende mate zelf kan maken. Dit is niet het geval indien de
vogels in een uitzonderlijke positie komen te verkeren, zoals bij vervoer,
ziekte of vergiftigingen.
De gewenste hoeveelheid Vitamine C per kg. voer bedraagt 50-100 mg.
Groenvoer en vruchten zijn goede leveranciers van vitamine C.
CHOLINE
Choline speelt een rol bij de afzet van vetten in de lever en bij het transport
van vetzuren uit de lever. Bij een tekort aan deze vitamine ontstaat
leververvetting. Bij het opvoeren van het vetgehalte van het voer of bij een
verhoogde opname van vetrijke zaden dient het cholinegehalte hierop aangepast te
worden. In de praktijk gebeurt dit natuurlijk niet met als gevolg dus een
leververvetting. De leververvetting heeft op zijn beurt weer een lichamelijke
achteruitgang van de vogel tot gevolg.
De gewenste hoeveelheid Choline per kg. voer bedraagt 500-1500 mg.
Goede bronnen van choline zijn melkpoeders, granen, biergist zonnebloempitten en
diverse andere zaden.
VITAMINE D (CALCIFEROL)
Net als bij vitamine B is ook bij vitamine D sprake van een complex.
Voor de vogelvoeding is echter alleen vitamine D3 van belang. Vitamine D3 wordt
uitsluitend in dierlijke produkten aangetroffen.
Evenals bij vitamine A kent ook vitamine D3 een provitamine, namelijk het
7-dehydrocholesterol dat ook van dierlijke produkten afkomstig is. De omzetting
van dit provitamine vindt plaats op de onbevederde huiddelen van een vogel,
zoals bijvoorbeeld op de poten. Dit gebeurt onder invloed van de ultraviolette
stralen van de zon. Het is daarom noodzakelijk dat vogels ook regelmatig met de
zon in aanraking komen. Tegenwoordig zijn er echter ook lampen in de handel
waarin ultraviolette stralen voorkomen.
Vitamine D3 is nodig voor de calcium- en fosforstofwisseling. Het bevordert
namelijk de opname van deze mineralen in de darmen van een vogel. Calcium en
fosfor zijn vooral nodig bij de beenvorming en de opbouw van het skelet van
jonge vogels. Ook de sterkte van het eischaal wordt beinvloed door de aanwezige
vitamine D3 en calcium.
Een tekort aan vitamine D zal slecht groeien van de beenderen, misvormingen van
beenderen, het leggen van windeieren (eieren zonder kalkschaal), vergroeiing van
de tenen en doorgezakte poten tot gevolg hebben. Een overdosering van vitamine
D3 heeft ontkalking van het skelet tot gevolg.
Bij dit proces wordt dus kalk aan de botten van een vogel onttrokken waardoor,
als gevolg van het week worden van de beenderen, spontane breuken kunnen
ontstaan. Bij grasparkieten wordt het optreden van hangvleugels ook wel in
verband gebracht met een overdosering van vitamine D.
De gewenste hoeveelheid Vitamine D3 per kg. voer bedraagt 500-1000 IE. Indien de
grasparkiet geen dierlijk voedsel tot zijn beschikking heeft, dient het gehalte
aan Vitamine D3 verhoogt te worden tot 2000 IE.
Goede bronnen van Vitamine D3 zijn kabeljauwlevertraan en brood gedoopt in melk.
Granen en zaden bevatten dus geen vitamine D3.
VITAMINE E (TOCOFEROL)
Vitamine E is voor een vogel van belang voor de vruchtbaarheid, de groei en de
stofwisseling.
Indien er een absoluut tekort is aan vitamine E kunnen er evenwichtsstoornissen
optreden. Deze gaan gepaard met ongecontroleerde bewegingen van de kop. Eveneens
kan bij een tekort steriliteit optreden. Vooral vogels met grote legsels hebben
behoefte aan vitamine E.
De gewenste hoeveelheid vitamine E per kg. voer bedraagt 5-10 IE.
Indien een vogel geen beschikking heeft over dierlijk voedsel, dient het gehalte
aan vitamine E verhoogt te worden tot 40 IE.
Vitamine E vinden we onder andere in tarwekiemolie, mais, en gerst.
Vitamine K
Vitamine K speelt een belangrijke rol bij de bloedstolling. Het is nodig voor de
vorming van het zogenaamde protrombine in de lever. Tekorten veroorzaken een
vertraagde bloedstolling.
De gewenste hoeveelheid vitamine K per kg. voer bedraagt 1-2 mg.
Vitamine K komt veel voor in groene plantendelen (in vruchten en zaden veel
minder), wortelen, sojabonen en enkele granen.
In dierlijke produkten wordt het bijna niet gevonden.
Bron: A. van Kooten
Onkruidplanten |
|
![]() |
|